Kastelen, kelders en keukens: de lekkerste route door Frankrijk en Duitsland
Er is een woord dat perfect samenvat waar deze reis om draait: bourgondisch. Niet enkel als verwijzing naar de Franse regio waar het woord vandaan komt, maar als levenshouding. Genieten zonder haast, tafelen zonder klok, en een glas heffen omdat het nu eenmaal verdiend is. Zijn we niet allemaal een beetje Bourgondiër?
Van de wijngaarden van Bourgogne over de vakwerkdorpjes van de Elzas tot de gezellige gaststuben van het Zwarte Woud en de sprankelende kelders van Zuid-Champagne: dit is een streek zonder harde grenzen, waar Frankrijk en Duitsland elkaar culinair al eeuwenlang de hand reiken. Overal dezelfde ingrediënten voor een onvergetelijke reis: eeuwenoude kastelen, diepe wijnkelders, en keukens die generatie na generatie hetzelfde vakmanschap doorgeven.
We nemen je mee langs drie soorten plekken die op elke bestemming terugkeren: de kastelen die het verleden levend houden, de kelders waar de streek haar beste geheimen bewaart, en de keukens waar alles samenkomt op je bord.
Kastelen: Waar het verleden nog leeft
Bourgogne opent haar geschiedenisboek al bij de eerste stop: het middeleeuwse kasteel van Couches, met een uitzicht dat als vanzelf uitnodigt tot een eerste, voorzichtige wijndegustatie. De dikke torens en verweerde muren vertellen er hun eigen verhaal van eeuwenlange machtsstrijd, lang voor Bourgogne uitgroeide tot de gastvrije streek die het vandaag is.
Verderop in Beaune wacht het Hôtel-Dieu, een 15de-eeuws hospitaal voor de armen dat pas in 1971 zijn deuren sloot. Onder het kleurrijke geglazuurde dak, één van de bekendste beelden van heel Bourgogne, achterlieten Vlaamse meesters zoals Rogier van der Weyden er hun sporen, een verre, maar herkenbare band met onze eigen geschiedenis. In Dijon, ooit hoofdstad van de machtige hertogen van Bourgogne, torent hun paleis nog altijd boven het UNESCO-beschermde centrum uit, omringd door statige gevels uit de 17de en 18de eeuw die stille getuigen zijn van een tijd waarin deze stad amper moest onderdoen voor Parijs zelf.
Geschiedenis kent geen grenzen
Ook buiten Bourgogne staat de geschiedenis allerminst stil. In het gezellige Langres wandel je over de nog volledig bewaarde stadsomwalling, één van de zeldzame in heel Europa, en waan je je even burger van een middeleeuwse vestingstad.
In het Duitse Wolfach vertelt Kasteel Fürstenberg het verhaal van de houtvlotters die eeuwenlang enorme boomstammen via de rivier tot in Nederland brachten, een ambacht dat het gezicht van de streek voorgoed veranderde. En wie op zoek is naar meer recente geschiedenis, vindt die in Chaumont, waar het Mémorial Charles de Gaulle stilstaat bij een van de meest invloedrijke figuren uit de 20ste eeuw, een verhaal dat de andere, oudere kastelen op deze route mooi in evenwicht brengt.
Terug naar de donkere eeuwen
Iets verder in de tijd, terug naar de "donkere eeuwen", vind je de abdij van Fontenay: de oudste nog bestaande cisterciënzerabdij ter wereld, in alle rust bewaard tussen de Bourgondische bossen. En wie houdt van filmdecors: Flavigny-sur-Ozerain, hoog op zijn rots, diende als decor voor de film Chocolat met Juliette Binoche en Johnny Depp.
Duitsland en Frankrijk, zij aan zij
Ook Duitsland doet niet onder. In Wolfach vertelt Kasteel Fürstenberg het verhaal van de vlotters die eeuwenlang reuzenboomstammen via de rivier naar Nederland brachten. En in Zuid-Champagne herinnert het Mémorial Charles de Gaulle in Chaumont aan een heel ander, meer recent hoofdstuk van de Franse geschiedenis.
Het kasteel in Wolfach, met zijn karakteristieke torens boven de samenvloeiing van de rivieren Wolf en Kinzig, herbergt tegenwoordig het Vlottersmuseum, waar je kan herbeleven hoe gevaarlijk en fysiek zwaar het beroep van houtvlotter eigenlijk was. Wie goed kijkt, ziet in het stadhuis van Wolfach nog fresco's die aan dit verleden herinneren. In Chaumont dan weer voert het Mémorial je mee doorheen het levensverhaal van generaal De Gaulle, van zijn rol tijdens de Tweede Wereldoorlog tot zijn jaren als president, verteld aan de hand van interactieve installaties die de geschiedenis dichtbij brengen, ook voor wie er verder weinig kaas van gegeten heeft.
Kelders: Waar de streek haar geheimen bewaart
Geen bourgondische reis zonder een bezoek aan de kelders waar het allemaal begint. In Beaune proef je tijdens een uitgebreide wijnproeverij het volledige productieproces, voor je doorrijdt naar de wijnvelden van de Côte d'Or, UNESCO-Werelderfgoed en thuisbasis van enkele van de duurste wijnen ter wereld. In Nuits-Saint-Georges leer je in het Cassissium dan weer hoe zwarte bessen tot cassis worden verwerkt, de basis van een goede Kir.
Fiets je liever langs de kelders dan dat je ze bezoekt met de bus? De Véloroute du Vignoble d'Alsace brengt je langs de wijnvelden van de Elzas, met tussenstops in de pittoreske dorpjes Riquewihr, Hunawihr en Ribeauvillé, waar een glas frisse Riesling na een dag fietsen nooit beter smaakt.
Mee met de Zigeuner? Schnaps'olutely!
In het Zwarte Woud draait het net zo goed om wat er in het glas zit, al is het net iets sterker: in de buurt van Furtwangen ontdek je hoe traditionele Schnaps gedistilleerd wordt uit het fruit van de streek, terwijl de Fürstenbergbrouwerij in Donaueschingen je meeneemt achter de schermen van het Duitse biervakmanschap. In het gerenommeerde wijndorp Durbach sluit je ten slotte af zoals het hoort: met een glas van de beste lokale wijn.
Genieten van Champagne met al je zintuigen
En dan is er nog de Champagnestreek, waar de Route du Champagne je langs glooiende wijndorpen en gerenommeerde champagnehuizen voert. Onderweg maak je kennis met steden als Châlons-en-Champagne en Epernay, waar de kelders soms wel kilometers lang onder de straten doorlopen. Telkens weer wacht er een nieuwe bubbel als beloning, geproefd op de plek waar ze ook echt ontstaat.
Keukens: Waar alles samenkomt op je bord
Uiteindelijk draait een bourgondische reis om wat er op tafel komt. In Bourgogne is dat boeuf bourguignon en oeufs en meurette, aangevuld met de beroemde anijssnoepjes van Flavigny, nog steeds gemaakt volgens een authentiek 17de-eeuws recept in de abdij van het dorp.
In het Zwarte Woud wacht een culinaire traditie die niet moet onderdoen voor haar Franse buren. In Gengenbach begin je de dag met een stuk Schwarzwälder Kirschtorte en een kop overheerlijke koffie, terwijl een originele vesperlunch in Biberach je kennis laat maken met de eenvoudige, eerlijke keuken van de streek. Wie echt wil uitpakken, boekt een verblijf in Hotel Engel in Obersimonswald, unaniem geroemd als een van de beste culinaire adressen van de regio, met een exclusief vijfgangenmenu dat de naam "van pollepel tot kurkentrekker" meer dan waarmaakt.
En in Zuid-Champagne? Daar is de keuken minstens even verfijnd als de bubbels: de Franse levenskunst op zijn best, geproefd tijdens rustige stadsbezoeken aan Troyes en Châlons-en-Champagne.